Betekenis P2000 Meldingen

Voor de brandweer en ambulance worden er vaak afkortingen gebruikt in het P2000 bericht wat zij dan op hun pager krijgen. Om het voor iedereen duidelijk te maken staat hier onder een lijst met alle afkortingen en de betekenis hier van.

Spring naar: A B C D E F G H I K L M O P R S T U V W

A1 : Hoogste prioriteit voor de ambulance. Zij mogen dan met zwaailicht en sirene rijden en zijn dan een voorrangsvoertuig.
A2 : Normale prioriteit voor de ambulance. Zij mogen dan niet met zwaailicht en sirene rijden en zijn dan ook geen voorrangsvoertuig.
AB : Adembeschermingsvoertuig
AC : De alarmcentrale.
ACS : Acuut Coronair Syndroom
AED : Automatische Externe Defibrillator. Vaak gebruikt bij een reanimatie inzet.
AHV : Ambulance Hulpverlening
AIVD : Algemene Inlichtingen- en Veiligheidsdienst
AKE : Ambulancedienst Kennemerland
AL : Autoladder, de ladder wagen van de brandweer
AMBU : Ambulance
AS : Autospuit van de brandweer

B : Besteld vervoer voor de ambulance. Zonder gebruik van zwaailicht en sirene en zijn dan ook geen voorrangsvoertuig.
BG : Haakarmbak Basis Groepsuitrusting
BOA : Buitengewoon Opsporingsambtenaar
BOT : Bedrijfs Opvang Team, bieden ondersteuning en begeleiding bij een traumatische ervaring
BRV : Brandweervaartuig
BRW : Brandweer
BRZO : Besluitrisico Zware Ongevallen
BVD : Bevelvoerder van dienst

C2000 : Het communicatie netwerk van de hulpdiensten
CARDIOLOGIE : Persoon met hartklachten
CCK : Calamiteiten Commando Kamer
CDT : Commandant
CE : Combinatie Eenheid (combinatie van TS & HV)
CHVD : Chef van Dienst
CMK : Centrale Meldkamer
COH : Commando Haakarmbak
COPI : Commando Plaats Incident
CP : Commando Post
CPA : Centrale Post Ambulancevervoer
CRI : Centrale Recherche Informatiedienst
CT : Crashtender
CVA : Cerebro Vasculair Accident (hersenbloeding e.d.)
CVD : Commandant van Dienst
CVDG : Commandant van Dienst Geneeskunde

DECO : Decontaminatiebak. Haakarmbak ten behoeve van het ontsmetten van personen en materiaal gebruikt bij een inzet met gevaarlijke stoffen
DIA : Direct inzetbare ambulance
DIB : Direct inzetbare brandweer
DP : Haakarmbak met dompelpomp
DPA : Dompelpomp aanhanger
DPU : Dompelpomp unit

EHBO : Eerste Hulp Bij Ongevallen
EHD : Eerste Hulpdienst
EHV : Eerste Hulpverlening

FGE : Forensisch Geneeskundige

GAGS : Gezondheidkundig Adviseur Gevaarlijke Stoffen
GBT : Gemeentelijk beleidsteam
GCC : Gemeentelijk Coördinatiecentrum
Gepaste Spoed : Voor ambulance is dat een A2 rit en voor de brandweer Prio 2 rit.
GEZONDHEID : Gezondheidsproblemen. Dit kan alles omvatten.
GGZ : Gemeentelijke Gezondheidszorg
GHOR : Geneeskundige Hulpverlening bij Ongevallen en Rampen
GIS : Gemeentelijk Informatiesysteem
GM : Gereedschap / Materiaalwagen
GMC / GMK : Gemeenschappelijke Meldcentrale / Meldkamer
GMS : Geïntegreerd Meld Systeem
GRIP 1/2/3/4 : Gecoördineerde Regionale Incidentbestrijdings Procedure. Het getal geeft aan welke GRIP situatie.
GYN : Gynecologie

HA : Haakarmvoertuig
HA/CP : Commando haakarmbak
HAG : Huis Artsen Groep
HMP : Hectometerpaal
HOVD : Hoofdofficier van Dienst
HOVJ : Hulpofficier van Justitie
HV 1/2/3 : Hulpverleningsvoertuig. Het getal geeft het klasse voertuig aan. 1 is een groot model, 2 klein model en 3 met beperkte bepakking
HVH : Haakarmbak hulpverlening
HW : Hoogwerker

INC/INCI : Incidentgespreksgroep

KLPD : Korps Landelijk Politiediensten
KNRM : Koninklijke Nederlandse Reddingsmaatschappij
KP : Knooppunt
KR : Kraanwagen
KWC : Kustwachtcentrum

L : Linkerweghelft bij ongeval op de (snel)weg
Lifeliner 1/2/3 : De traumahelikopter 1, 2 of 3
LP : Logistiek Piket

MKB : Meldkamer Brandweer
MKA : Meldkamer Ambulancezorg
MMT : Mobiel Medisch Team
MOB : Medische Ondersteuning Brandweer
MSA : Motorspuitaanhanger

OGS : Ongeval Gevaarlijke Stoffen
OMS : Openbaar Meld Systeem
OPKOMSTPLAATS : Opkomstplaats voor hulpverleningsvoertuigen TATA-Steel. Herkenningspunt waar de hulpdiensten moeten zijn
OVD : Officier van Dienst
OVDG : Officier van Dienst Geneeskunde

P : P staat voor Prio. Gevolgd door een getal.
P2000 : P2000 is een van de onderdelen van het Nederlandse C2000-alarmeringsnetwerk op basis van een Flex-protocol. Het netwerk is opgezet om personeel van de hulpdiensten zoals brandweer, reddingsbrigade, ambulance, politie, Rode Kruis, KNRM en DARES op te roepen in geval van een incident of andere situatie waar hun aanwezigheid gewenst is.
PAC : Particuliere Alarm Centrale
PB : Poederblusvoertuig
PRIO 1 / p 1 : Spoed rit voor de brandweer. Het brandweer voertuig moet zwaailicht en sirene voeren en is dus ook een voorrangsvoertuig
PRIO 2 / p 2 : Gepaste spoed rit voor de brandweer. Het brandweer voertuig mag geen zwaailicht en sirene voeren en is dus ook geen voorrangsvoertuig. Wel mag de bevelvoerder van de brandweer wagen er een PRIO 1 van maken
PRIO 3 / p 3 : Geen spoed. Het brandweer voertuig is geen voorrangsvoertuig en moet zich net zo gedragen als ieder ander in het verkeer
PRIO 5 / p 5 : Test of mededeling

R : Rechterweghelft bij ongeval op de (snel)weg
RAC : Regionaal Alarmcentrale
RAV : Regionaal Ambulance Voorziening
RB : Reddingsbrigade
RITNR : Ritnummer van de ambulance
ROGS : Regionaal Officier Gevaarlijke Stoffen

SB : Schuimblusvoertuig
SEH : Spoed Eerste Hulp
SETTIME : Code om de lichtkrant(en) op de juiste tijd te zetten
SIGMA : Snel Inzetbare Groep ter Medische Assistentie
SL : Slangenwagen
SP : Haakarmbakspeciaal
SPB : Schuim- Poederbluswagen

TAS : Tankautospuit
TIA : Transient Ischemic Attack, voorbijgaande beroerte
TIS : Treinincident scenario
TS : Tankautospuit
TW : Tankwagen

UGS : Uitgangsstelling. Centrale verzamelplaats voor de hulpverleningsdiensten om vanuit die positie gezamelijk op te rijden naar een incident

VK : Voorkeurskanaal. Word gevolgd door een nummer en dat is het kanaal waar de bevelvoerder met de AC kan praten
VKO : Verkeersongeval
VOS : Vliegtuig Ongeval Scenario
VWS : Voorwaardescheppend, centraal opstellen van ambulance
VZA : Vereningd Ziekenvervoer Amsterdam

WO : Waterongeval